Working Out Loud: Hou de deur open voor iemand die je niet kent…

hei

Enkele maanden geleden ontdekte ik het DAP-programma WalkMe. Zou een nuttig hulpmiddel kunnen zijn voor onze online cursusontwikkeling…..

Over wat er gebeurt als je de gewoonte aankweekt om alle anonieme collega’s die je ontmoet te begroeten of aan te spreken, in de bedrijfslift of kantine, op weg naar het werk of naar het Centraal Station, of zelfs in je eigen open kantoor. Zichtbaar, maar anoniem…..

Ik ben altijd nieuwsgierig geweest naar collega’s en hun dagelijkse bezigheden en ik moet toegeven dat ik in mijn 30-jarige carrière bij de VDAB ontzettend veel interessante mensen heb ontmoet, alleen al door met hen een klein praatje te doen. Maar sinds ik mezelf heb getraind in Working Out Loud, heb ik de gewoonte om collega’s te begroeten en aan te spreken in onze gebouwen in Brussel of Limburg, die ik ontmoet in de lift, in de bedrijfskantine, op straat in de buurt en vlakbij het Centraal Station.

FYI: VDAB Central Offices bevinden zich vlakbij één van de mooiste plekjes van België, The Grand Place.

Hoe dan ook, ik ontmoet deze zichtbare, maar onbekende collega’s dagelijks en begon hen te begroeten op weg naar mijn werk en vergaderingen. Dat is altijd wel een gewoonte geweest, alleen, niet op een zeer aandachtige manier. Meer vanuit formele beleefdheid, niet echt vanuit mijn hart.

Tot voor kort. Het was een van de taken in de Working Out Loud Cirkelgidsen.  ‘Hou de deur voor iemand open en zie wat er gebeurt….’.  Mijn eerste reactie was: ‘Dit is eigenlijk een rare opdracht!’ Maar het deed me denken aan wat er een paar jaar geleden in het lokale fitnesscentrum gebeurde.
Ik was begonnen met groepslessen. Na een body vive sessie vroeg ik of iemand zin had om een kopje koffie met me te drinken.  Ik kreeg een aantal onverwachte non-verbale reacties, vooral nogal verbaasde blikken. Het leek wel om ik hen gevraagd had hoe vaak ze van onderbroek wisselden….. Maar één vrouw antwoordde: ‘O, tof!’ We hebben uiteindelijk twee koffies gedronken in plaats van één….. en zijn twee onafscheidelijke fitnessvriendinnen geworden.

Om terug te keren naar mijn werkcontext: Ik begon dus zichtbare, maar onbekende collega’s aan te spreken en ik moet toegeven, het heeft me de erg betekenisvolle – zij het vaak te korte – gesprekken over het werk opgeleverd, echt waar. Betekenisvol en echt nuttig.

En nu kom ik tot de kern van de zaak:  Enige tijd geleden richtte ik me tot een sympathieke vrouw in de lift die ik al tientallen keren had ontmoet, maar nog nooit had gesproken. Dus vroeg ik haar naam, stelde ik mijzelf voor en begroette de collega die zich bij haar aansloot.  We liepen samen naar een nabijgelegen snackbar, die niet VDAB-gerelateerd is, maar drukbzocht door VDAB-collega’s,  die genieten van een rustig en gezellig moment tussen vergaderingen en werk door.

Deze collega’s werkten toevallig hard aan de implementatie van WalkMe – een Digital Adoption Platform (DAP) waarmee bedrijven de online gebruikerservaring kunnen vereenvoudigen. Dat vond ik heel interessant, want eerder dit jaar was ik deze DAP al eerder dit jaar op het internet tegen het lijf gelopen en had ik  een video-demotalk gedaan. En toen vernam ik dat er mensen van onze organisatie mee aan het werk waren, maar ik vond ze niet…..

Maar het punt is dit verbazingwekkende toeval: Die specifieke dag, vroeg in de ochtend, had ik een volledig off-the-record kennismakingsgesprek met een andere onbekende, maar zichtbare collega. Zichtbaar, zoals in ‘Ik had haar opgemerkt in ons open kantoor, maar had nog nooit met haar gepraat’.
Ze bleek een zeer vriendelijk, hartelijk en gepassioneerd persoon te zijn die onlangs haar WalkMe certificaat had ontvangen! Raar!

3 collega’s met wie ik niet hoefde te praten, maar wel deed. Op één dag! Als gevolg hiervan vertrok ik in de vroege avond met een beetje meer kennis over wat sommige van de 5000 VDAB-collega’s elke dag doen, met veel goesting en power. Ik voelde me blij dat ik de gelegenheid had genomen om met hen te praten. En blij dat ik deze rare  Working Out Loud taak gedaan had.

Dat is de Working Out Loud spirit, lijkt me…

Grtz

Annemie

Vertaald met www.DeepL.com/Translator

We hebben geen technologie nodig om te converseren met elkaar. Of wel?

hoi

Het heeft me een paar jaar tijd gekost om de stap te zetten een blog te creëren. Gewoon, omdat ik altijd gedacht heb dat ik niet veel te vertellen heb. Omdat ik vaak erg opkijk naar de mening en de knowhow van andere mensen. En dan leg ik mezelf toch maar weer het zwijgen op. Terecht maar vaak ook niet. Want het gaat vaak over hoé je je boodschap brengt. En veel mensen maken van hun kennis hun wapen. En sabelen iedereen vervolgens in hun omgeving neer met hun mening en kennis. Die je dan met een beetje gezond verstand gewoon weer doorprikt. Als je durft…

Het zijn een aantal collega’s en mensen in mijn privéleven die me erop wezen dat iederéén een waardevolle mening kan hebben. En ik ook… Bovendien kan je veel bijleren door gewoon toe te geven dat je iets niet weet. Dat je op zoek bent naar knowhow. Dat geldt toch voor iedereen die een stuk van zijn hart in zijn werk legt? Die streeft naar goede resultaten? Die fier wil zijn op zijn werk?

Social media zijn waardevol; dat heb ik ervaren in het laatste anderhalf jaar. Ik leer er ontzettend veel door bij en ik ben blij dat mijn netwerk ook gestaag groeit. Met leerrijke, zinvolle contacten. Ik ‘zit’ minder op Facebook en veel op Twitter – mijn dagelijks gazetje met een keur aan artikelen over L&D – en LinkedIn – mijn dagelijkse leershot. En vandaag las ik deze tweet:

Komt van JD Dillon, die een prachtige keynote gebracht heeft op dag 2 van de Learningtechdays in Gent vorige week, 20 en 21 juni.

Learning that fits

Ik heb het er later nog wel es over, maar nu eerst die tweet.

  • Technologie is een modewoord. Akkoord. Social technologies ook op dit moment. Maar dat is geen reden om er aandacht aan te besteden, want social is unstoppable, zeker weten. Is technologie nodig om conversaties mogelijk te maken? Tuurlijk niet, we communiceren al de hele aardbolgeschiedenis zonder. En face-to-facecontacten blijven erg waardevol. Alleen hebben we niet meer de tijd – en vaak ook geen goesting – om ons daarvoor te verplaatsen of er veel tijd in te stoppen. En dan zijn de social media een prima oplossing. Een gesprek vanachter je bureau over de dingen die op dat moment voor jou van primair belang zijn en waarmee je op microtijd weer verder kan, is een pak efficiënter dan een meeting, zeker als je daar een hoop rijtijd in moet spenderen. Zeker als je weet dat meetings heel vaak op oeverloos geleuter eindigen, dat de helft niet luistert en op zijn smartphone de tijd voorbijchat en -googelt.
  • Er is tijd nodig. Tijd om die technologie te leren kennen en er op een zinvolle en bewuste manier mee te leren omgaan. We hebben met zijn allen een beetje een verkeerd beeld opgebouwd door ons gebruik van social media. We worden overstelpt met grappige filmpjes, leuke quotes en miljoenen foto’s en filmpjes uit onze vrije tijd. En zo zijn we vergeten – of hebben we nooit beseft – dat social media onze werktijd aanzienlijk efficiënter maakt.
    Creëer dus een netwerk rond de doelstellingen en de knowhow die je op het werk moet opbouwen, en leer supersnel en doelgericht bij. De juiste mens op de juiste plaats, ook op social media. Onze bedrijven moeten nog inzien dat de aanwezigheid op social media tijdens de werkuren geen tijdverlies is, maar een verrijking voor de dagelijkse prestaties van zijn duurbetaalde werknemers. Er gaat al veel te veel tijd verloren aan andere, nutteloze activiteiten. Meetings ook, ja.
  • Aanmoediging is nodig. Klopt, de meeste bedrijven, vooral de grotere, zetten al jaren in op technologieën. Yammer, Facebook (Workplace), LinkedIn, Twitter,… Bij VDAB werken we met Google+ en onze
    e-wijsambassadeurs hebben serieus hun best gedaan om met workshops de mensen op te leiden. Maar we hebben nog niet geleerd om ermee te leren omgaan. Wat doen we op die social media? Waar is dat voor nodig? Hoe maakt het mijn leven op het werk gemakkelijker?  Wat mag ik van mijn werkgever en wat niet? Hoeveel tijd mag ik eraan spenderen? Sommigen willen wel dingen posten, maar durven niet, uit angst: Wat heb ik eigenlijk aan mijn collega’s te vertellen dat waardevol kan zijn? Ja, we zijn op dat vlak nog erg bescheiden. Het vergt moed om te vertellen waarmee je bezig bent, om vragen te stellen omdat je iets niet goed weet of begrijpt. In real life, dus zeker en vast ook op social media.
  • Safety is required, zegt JD Dillon. Mensen moeten zich veilig voelen als ze met anderen communiceren. Dat geldt zeker en vast voor hun aanwezigheid op social media. Ikzelf heb lang tijd nodig gehad om de stap naar deze blog te zetten.
  • Wat is de meerwaarde?  Wat doen we op die social media? Waar is dat voor nodig? Hoe maakt het mijn leven op het werk makkelijker? What’s in it for me? Voor velen een vraag, voor mij een weet.

Geen tijd, geen aanmoediging, geen veiligheid, geen meerwaarde? Inderdaad, dan is tech irrelevant.

Merci, JD, niet alleen voor je presentatie over the mythes die rond microlearning hangen, maar ook voor de tweet, waarmee ik weer een postje kon schrijven.

Grtz

Annemie

 

Week 0: Wat maakt een WOL-cirkel tot een succes?

Week 0: Best practice succesvolle  Working Out Loud Cirkels

 Julia Weber, digital change orchestrator bij ZF in Duitsland, schreef deze boeiende blogpost bij de opstart Working Out Loud in haar organisatie. Ze verwijst naar haar eerste blogpost – terug te vinden op haar LinkedIn-profiel –  over de #WOL-grassrootbeweging in haar bedrijf. Na enkele maanden  al merkte ze bij ZF een verandering op  in de manier waarop de 146.000 medewerkers  samenwerken en communiceren. 
 Als medewerkers en leidinggevenden bij VDAB
    • op een transparante manier willen werken,
    • op een doelgerichte manier en
    • vanuit een zinvol netwerk met elkaar,

kunnen zij vanaf nu ook deelnemen aan een Working Out Loud-cirkel.

Julia deelt mijn mening over het succes van een Working Out Loud-cirkel. Die hangt namelijk af van een aantal factoren:
  • betrokkenheid van de cirkelleden,
  • een basisbeeld over het leer- en werkproces gedurende de 12 weken,
  • de intrinsieke motivatie om tijd te investeren in jezelf,
  • de zwaartekracht die management geeft aan deze grassrootbeweging.

Om die reden blijkt een  Week 0-meeting nodig, waarin men een kader biedt voor deze nieuwe leer- en netwerkmethodiek.

Waarom week  0?

Een Working Out Loud-cirkel is een groep van 4-5 medewerkers die elkaar gedurende 3 maanden 1 uur per week online ontmoeten. Ze werken samen aan een (persoonlijk) doel waarbij ze op een zelfsturende manier hun ervaringen delen, mét elkaars steun en vanuit het eigen ondernemerschap. Iedereen mag deelnemen vanuit zijn rol als medewerker, welke functie dan ook. Het is essentieel dat iedereen in een veilig aanvoelende cirkel terechtkomt,  in zijn hoedanigheid als medewerker, ongeacht zijn functie, waar plaats is om fouten te maken, te experimenteren en zich te uiten. Ook formele leidinggevenden leggen op deze momenten hun rol af.
Typisch voor een WOL-cirkel is dat er geen trainer, geen externe moderator of leider is die de cirkelmeetings organiseert. De cirkelleden zelf zijn verantwoordelijk voor het faciliteren van hun cirkelmeetings vanuit hun eigen leiderschap of ondernemerschap. Ik zie hier mogelijkheden om op termijn een vlakkere organisatie te creëren.

Zo krijgen ze de mindset achter Working Out Loud beet: ze leren niet alleen werken met de toolset die de organisatie hen biedt, maar vooral aan hun skillset en mindset. (online communicatie-, informatie- en netwerkvaardighedend).

Volgens de richtlijnen in de gratis cirkelgidsen is er altijd één lid dat de rol van de cirkelfacilitator op zich neemt.  Ikzelf heb uitsluitend positieve ervaringen met een beurtrol in de loop van de 12 weken.
Om het leerproces te ondersteunen, gebruik je best de zogenaamde Working Out Loud Circle Guides: een handige set van 12 handleidingen, eentje voor elke week. In deze cirkelgids  vind je een variatie opdrachten en suggesties, die de cirkelleden begeleiden in hun groei naar een 21st eeuwse mindset.

The Week 0-agenda

De Working Out Loud-cirkels zijn dus ontworpen vanuit de peersupportidee (ondersteuning die je als gelijkgezinden aan elkaar geeft), wat niet meteen makkelijk te vatten lijkt. Het leerproces in een cirkelmeeting wordt namelijk niet geleid door een lesgever, zoals we dat al eeuwen gewoon zijn.Er komen dan ook veel vragen.

Bovendien kennen de leden van de cirkel elkaar bij voorkeur niet. Daarom is het belangrijk dat zij een platform ter beschikking hebben waarin ze zichzelf kunnen voorstellen en hun persoonlijke motivatie om deel te nemen aan een cirkel.

Om de opstart voor iedere deelnemer gemakkelijker te maken dient deze extra week 0: Ze ondersteunt elke cirkel aan het begin van de reis naar een 21ste eeuwse mindset.
Dit gesprek van 30 minuten bestaat uit drie delen:

  1. Kennismaking met iedere deelnemer en delen wat de persoonlijke motivatie is om in de cirkel te starten.
  2. De cirkelgesprekken plannen. (datum, tijd, facilitator en tijdsbewaker): Dit is de grootste uitdaging. Voorzie daar voldoende tijd voor.
  3. Vraagstelling: Wat verwacht je? Wat hoop je te bereiken? Met welke vragen zit je?

Soms is een externe facilitator nodig om een cirkel mee te helpen opstarten. In zo’n geval faciliteert iemand van buiten de kring de eerste en de laatste cirkelmeeting. Dat wil niet zeggen dat de cirkels hun plan moeten trekken – er is ook een interne Working Out Loud-community  bij ZF om support te bieden. Spoor 21 voorziet een mentor (Annemie Martens): We voorzien f2f-infosessies die bijvoorbeeld ook via videogesprek kunnen doorgaan. Communiceren kan bij voorkeur via Google+.

Doel van een #WOL-cirkel

Het wekelijkse uur dat je investeert in je #WOL-cirkel investeer je voornamelijk in jezelf en in de andere leden van de cirkel. Als je in een cirkel stapt, is het duidelijk dat je je professionaliteit, je carrière en ja, ook je welzijn wil verbeteren. Daarom is het belangrijk dat elk lid

  • op een veilige manier
  • kan deelnemen in deze gesprekken
  • zich optimaal inzet voor deze meetings (wat betekent dat  je niet 5 minuten voor de vergadering afzegt) en
  • en zo vaak mogelijk deelneemt.

Natuurlijk hebben medewerkers soms andere prioriteiten – of ze zijn op vakantie –  of ze zijn niet langer bereid of in staat zijn om de vergaderingen bij te wonen. Dat is helemaal oké. Deelnemen aan een Working Out Loud-cirkel doe je vrijwillig. Er is geen sprake van een verplichting.

Een belangrijke vereiste is dat je – als je wil deelnemen -even overlegt met de teamleider. Dit is een totaal nieuwe vorm van leren en netwerken – essentieel om te werken aan een transparante communicatie en om Topteams te creëren, over het eigen Topteam en de eigen dienst heen. Toon misschien best het filmpje Working Out Loud in 4 minuten van John Stepper.

Wat gebeurt er gewoonlijk in een Week 0-meeting?

Ik som even de vragen op die gewoonlijk tijdens Week 0 naar boven komen.

Welk doel moet ik kiezen?
Jij kiest je doel. Allerbelangrijkst is dat je een doel kiest waar jij écht voor wil gaan. Een doel dat jouw carrière of algemeen gevoel van welzijn verhoogt.

Het maakt niet uit of het een persoonlijk of een werkgerelateerd doel is, zolang je het maar écht wilt bereiken. Zonder systematiek blijft een doel vaak zonder succes maar in de #WOL-cirkel werk je gedurende 3 maanden systematisch naar dat doel toe doordat je een netwerk gaat uitbouwen van mensen die jou kunnen helpen.

Is er een gemeenschappelijk cirkeldoel?
Iedereen in de kring heeft zijn eigen doel. Hoe diverser de doelen zijn, hoe beter. Maar een gemeenschappelijk doel kan natuurlijk ook! Bv. werken aan een innovatief idee om werkzoekenden te begeleiden.

Moeten we 12 weken achter elkaar bijeenkomen?
We zijn allemaal wel eens niet bereikbaar: vakantie, zakenreizen… dus het is normaal dat je één of twee cirkelmeetings mist. Probeer toch elke week met elkaar af te spreken. Een terugkerende afspraak in je agenda helpt je om de tijd voor de cirkelvergaderingen te blokkeren. Het is aangewezen om toch samen te komen,  zelfs wanneer één persoon de vergadering mist. Misschien moet je na een tijdje je planning aanpassen, bv. als meer dan 2 mensen de meeting vaker missen.

Wat gebeurt er met de cirkel, als ik op vakantie / zakenreis ben?
Als je de enige bent die een meeting mist, kan de cirkel samenkomen en je bijpraten als je terugkeert.  Je leest best wel de gids van die week. Probeer sowieso een kleine stap te zetten in het bereiken van je doel.

Moeten we elke opdracht in de handleiding doen?
Dat hangt af van jou en de cirkelleden. Als je niet meer dan een uur per week kunt investeren in Working Out Loud, overweeg dan om de opdrachten te doen in de videogesprekken zelf. Sommige cirkels focussen hun meeting graag op het bespreken en delen van hun ervaringen, dus maken ze de oefeningen tijdens de week.

In ieder geval: er is voldoende keuze in de oefeningen. Je kan je gerust beperken tot de hoofdopdracht, of effectief alle oefeningen maken / bespreken.

Is 60 minuten voldoende voor de cirkelbijeenkomsten?
De agenda in de cirkelgids is ontworpen voor max. 5 mensen die de voorgestelde opdrachten en discussies binnen 60′ doen, dus ze zijn uitvoerbaar binnen 60′. Het is belangrijk dat iedereen zich aan dit tijdsblok houdt. We zitten allemaal met volle agenda’s. Je kan natuurlijk nog een half uurtje extra in je agenda boeken: voor een vervolggesprek, soms met 1 lid over een bepaalde vraag, of om bijvoorbeeld bepaalde informatie door te sturen.

Conclusie

Als je deze extra week 0 toevoegt, dan verlaag je een mogelijke drop-out omdat de cirkelleden omdat je de verwachtingen duidelijk stelt van bij de start.  Het kan natuurlijk voorkomen dat iemand zich niet goed voelt in de cirkel, maar  in plaats van er helemaal uit e stappen, kan je samen eerst op zoek naar andere mogelijkheden. Misschien zelfs een nieuwe cirkel.

Als je op het punt staat om lid te worden van een cirkel of probeert om ze te verspreiden op je werk, voeg dan deze Week 0 zeker toe: het maakt het gemakkelijker voor iedereen.

Als VDAB’er kan je nu aan de slag. Samen met de cirkelgidsen. Wil je het origineel (Engels) lezen? Hier is de link naar de blogpost van  Julia Weber. Heb je nog vragen? Let me know! Ik ben blij met reacties!

Grtz van Annemie

Als je als medewerker social in je organisatie wil introduceren: DONTS

Hei

Social Technologies in Business, die Keure

15+ things not to do when promoting social. Daarover hebben Simon Terry en Rita Zonius het in het boek van Isabel Declercq, waar ik al een klein jaar mee rondzeul. Inspirerend werkje! Must read…

Ik som even op wat die don’ts  volgens dit boek zijn en bekijk dan waar ik afgelopen jaar mogelijk in de mist in ging. In een volgende blogpost overdenk ik een paar actiepunten voor een organisatie.

No strategic rationale
No user rationale
No community management
No communities of practice
Lack of trust
Focus people to be social
Restrict access
Preventing any fun
Sweat the naysayers
Measure user performance
Ignore potential risks and issues using social
No collaboration
No bad news
No follow through
No measurement of value
Encourage social as bragging
It's all about using technology to be visible

Laat ik mijn eigen activiteiten om social vanaf 2017 te introduceren even op de rooster leggen: Welke (denk)fouten kan ik ondertussen al gemaakt hebben? Want ik praat er al een hele tijd over, voorlopig zonder veel resultaat, met collega’s en teamleiders, met CEO Fons, met opleidingsverantwoordelijken en managers. Ik was op dat moment zeker niet voorbereid genoeg – Wanneer ben je dat eigenlijk wél?  Allicht is er op dit moment geen tijd en in onze organisatie geen priori-tijd.  Alle begrip daarvoor want de VOCA-wereld van nu zet onze gewone manier van werken flink op zijn kop. We hebben wel andere katten te geselen.

uit: Work Action Heroes, Fons Leroy

No strategic rationale: Ik ben geen strateeg. Dat is trouwens geen onderdeel van mijn functie; social is zelfs geen deel van mijn core business: ik ben (voorlopig) nog productontwikelaar van online leermateriaal.  Wat me desondanks vooral opvalt, is dat er geen team is dat zich met dit soort nieuwe leer- en communicatietechnologieën bezighoudt, ofwel is me dat niet bekend. Individuen wel, maar geen team en dus geen samenwerking. Daar zit meteen actiepunt 1. Wat kan ik als individu in onze organisatie wél betekenen op strategisch vlak? Vooral duidelijk(er) maken waarom social technologies passen in onze missie en doelstellingen, geformuleerd in het strategisch kompas van VDAB.

No user rationale. Niet nuttig? Niet nodig! Onze users binnen VDAB hébben het druk en stààn onder druk. Daar moeten we rekening mee houden. We gaan ze alleen maar meekrijgen als we hen kunnen overtuigen van de voordelen van een goed netwerk, online of niet. We moeten kansen creëren zodat onze medewerkers aan den lijve kunnen ondervinden dat ze niet enkel kunnen leren via tijdsintensieve workshops en online leermateriaal, maar ook o.a. door elkaar te ondersteunen,  niet alleen in het eigen team om (peer support). We moeten hen helpen om te leren netwerken met andere peers met veel knowhow in de organisatie. Hen helpen een link te leggen tussen het gebruik van social technologies, beter presteren, en ja, gelukkiger te worden op het werk.
Actiepunt (AP) 2: Aan de slag met een paar experimenten.
AP 3: Gaan kijken bij andere organisaties: Wat doen ze? Hoe doen zij het? Wat zijn hun succesverhalen? Waar zitten de valkuilen?

No community management.  Google + is niet algemeen ingeburgerd en is dus niet te identificeren als een sterk sociaal platform voor onze organisatie.  Het initiatief Yammer stierf een aantal jaren geleden een stille dood. Ik weet niet waarom – het experiment is aan me voorbijgegaan. Waarom is het niet gelukt? Geen community management? Goed mogelijk, geen idee.  Daar wil ik graag achterkomen.
AP 3: Wat ik zeker kan doen, is iets uitproberen. Daar ben ik mee bezig, met een aantal peers buiten VDAB. Mijn 3de Working Out Loud-cirkel ondersteunen we met Workplace Facebook. Vind ik een goed idee want ‘Go where the people are’. (Jamie Good, Learning Technologies Conference, 2018)
(AP 4):Onze dienst productontwikkeling werkt trouwens sinds kort met Slack. Met goed resultaat. Veel minder mails, veel transparantere communicatie en meteen feedback voor iedereen op problemen en vragen.  Zeker en vast nuttig bij de vele projecten die bij ons lopen… Dat moeten we rondvertellen!

Sweat the naysayers. Inderdaad,  ik laat me vaak – zoals zovele medewerkers – platslaan door de neezeggers? Ook al is het moeilijk om altijd weer tegen de maars en neen, wants op te boksen. We schenken hen te vaak het vetorecht… en verspelen daardoor kansen op vernieuwing.
AP 5:  Focus op de constructieve elementen en meedenkers, blijf gesprekken voeren en probeer een team op te zetten, met hulp van het management.
AP6: Ik zie dat ik aan de slag moet met de mensen die willen,  de medewerkers met visie, de mensen die FIER zijn om voor VDAB te werken, de innovators, de nieuwsgierigen.

No collaboration. Tuurlijk werken onze mensen samen, we zijn daar zelfs sterk in. Maar gaan we ook kijken buiten ons bestaande netwerk, buiten het team? En hoé doen we dat, netwerken en samenwerken en peer support geven? Ik bedenk hierbij dat je vaak na een workshop bij Spoor 1 hoort: ‘Het was een goeie opleiding, maar ne keer babbelen met iemand van buiten de eigen werkvloer, dàt heeft me nog het meest deugd gedaan’.  Achteraf verwateren die contacten toch weer vaak. Hoeft niet…  AP 7: Wat is voor de medewerkers een goed gespreksforum. Slack, Yammer, Facebook Workplace? In feite ook niet aan mij, maar ik ben er toch mee bezig.
AP 8: In welke niet-professionele teams binnen VDAB werken we organisch samen, waar loopt dat vanzelf? Hoe doen we dat daar? Sportinitiatieven, Vriendenkringen,…

No bad news.  Laatst deed een WOL’er een oproep in de facebookgroep Working Out Loud. Er kunnen toch niet alleen positieve ervaringen zijn? Misschien geef ik daar inderdaad in al mijn enthousiasme een verkeerde indruk en moet ik het positieve beeld dat ik meegeef hier en daar bijstellen. AP 8 dus. Ik denk alvast aan deze voorbeelden:

  • Google +, Yammer, geen onverdeeld succes geworden. How come?
  • Working Out Loud: Mijn eerste cirkel is gestopt na 4 weken, de tweede was een volledig succes, de derde – die nu loopt – lijkt wat te kwakkelen, maar ik denk dat we eruit komen. We hebben wat moeten herplannen, kijken of dat  lukt. Planning mag geen issue zijn, maar is het vaak wel…

8 to do’s, da’s een mooie oogst in  1 blogpost en zeker genoeg om ermee aan de slag te gaan. Met een beetje geluk voer voor een paar nieuwe, hopelijk zinvolle posts! Ondertussen ploeter ik voort in dit interessante werkveld van social technologies.

  • Ik wil graag het project dat ik samen met Carlo De Smedt uitwerkte, bekijken met een aantal meedenkers,  durvers en beslissingsmakers. Over  de impact van en de integratie van social technologies in onze organisatie.
  • Cirkel drie met peers buiten VDAB loopt en ik stel nu een cirkel samen van medewerkers binnen de organisatie. We zijn met 3, ik zoek nog 2 kandidaten.
  • Ik onderzoek de mogelijkheden van Facebook Workplace in een betalend account van buiten VDAB, voor WOL’ers.
  • Ik werk mee aan de vertaling van de circle guides van Working Out Loud, zodat men er in de Nederlandstalige bedrijfswereld mee aan de slag kan. Geloof me, er wordt op gewacht!

Grtz

Annemie

Zij die weten wat ze doen en zij die niet weten wat ze doen… The Art of Innovation

Hei

Bekijk eerst even dit filmpje van Peter Hinssen over Mensen die Weten Wat Ze Doen, en Mensen die Niet Weten Wat ze doen. Interessante pitch…

Het zet me aan het denken of zelfs… het geeft moed. Ik hoop dat ik bij de 1% behoor bij VDAB. Niet dat ik mezelf zo mateloos innovatief vind, integendeel. Ik lees veel over de digitale revolutie. Ik onderzoek, ga naar conferenties, volg sprekers en mensen met een mening over leren en opleiding, probeer dingen uit, vertel collega’s en leden uit de sterke hiërarchie in onze organisatie over nieuwe inzichten en mogelijkheden.  Ik vind niet dat ik nieuwe dingen uitvind. Maar ik heb het gevoel dat ik hoor bij de 99% van de mensen bij VDAB die Weten Wat Ze Doen (WWZD), tot ik weer teruggefloten word door mensen die Nog Veel Beter Weten Wat Ze Doen.

Hinssen zegt dat een start-up bestaat uit 99% mensen die NWWZD (Niet Weten Wat Ze Doen, dus) En dat daar precies de innovatieve drive zit. En dat die medewerkers gekoesterd moeten worden. Anderzijds wordt bijvoorbeeld de overheid bemand door 99% WWZD-medewerkers, tegenover 1%  innovatieve zielen –  NWWZD’ers die zien dat er dingen moeten veranderen, en die willen helpen in dat veranderingsproces. Ze beseffen dat we onze bestaansreden verliezen als we niet mee evolueren.

Nogmaals, ik wil bescheiden blijven maar ik wil graag bij die 1% horen. Ik wil blijven vertellen over wat ik zie veranderen door de digitalisering en over de disruptie die dit veroorzaakt op alles wat we gewoon zijn in onze samenleving.

Met deze blog over Learning & Development, over microleren, over social technologies, over de 21ste eeuwse skills. wil ik een van de 1% innovatieve denkers en doeners zijn die VDAB telt. Het zijn er meer… zeker weten. Maar ze zitten verstopt in de organisatie en vechten ieder hun eigen Don Quichotestrijd. Er is geen team, er is geen sturing, het blijft bij individuele initiatieven…

Ik hoop dat ik de 1%’ers vind met deze blog en dat we tot denkpistes komen, gezonde discussies, die VDAB dan uiteindelijk oppikt en integreert in de dagelijkse werking. Ik zoek naar de 1%’ers in andere bedrijven, via LinkedIn… Omdat het moét, omdat we samen dingen kunnen verwezenlijken.

Wil je meer informatie? Klik hier.

Laat dit het begin zijn van een boeiend netwerk over de gevolgen van de digitalisering op het Nieuwe Leren.

Grtz

Annemie