Mijn 10 favorieten non-fictie 2019

  1. Homo Sapiens, een kleine geschiedenis van de mensheid van Yuval Noah Harari. Heerlijke, verhalende non-fictie van deze docent aan de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem.

2. De tijdreiziger van Hans Bourlon. Met veel fantasie maar tegelijkertijd gebaseerd op de huidige wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen beschrijft Bourlon hoe dat leven er in de toekomst kan uitzien. Of juist niet. Bourlon beweert dat hij geen echte schrijver is. Ik denk dat hij op zijn minst een echte verteller is…

3. Hoe overleef ik mijn collega’s van Thea Bombeek, ervaren coach in zakelijk gedrag. Besteld op de Boekenbeurs, online via bol.com. De rij aan de kassa was te lang… Maar wat een bevlogenheid, scherpe waarneming en toch zachte pen!

4. Verlangen naar verbinding van Brené Brown. Echt àlles lees ik van Brené. Hoe er echt bij horen en de moed om alleen te staan.

5. Verbindende communicatie werkt van Erwin Tielemans zette mijn zelfreflectie over mijn communicatievaardigheden in de juiste richting gezet en inspireert me tot vandaag. Mijn cursisten in de workshops weten er ondertussen alles van…

6. Burn-out en leiderschap van Sonja Reckers. Leidinggevenden zijn de draaischijf van een goede teamwerking. Ze hebben een reuzeverantwoordelijkheid in deze VOCA-tijden. Over VOCA lees je iets meer in het boek van Fons Leroy.

7. No Jobs van Fons Leroy, onze ex-CEO, over de toenemende invloed van artificiële intelligentie en robotisering op onze jobs. Die zullen er nog zijn, maar niet meer in de vorm die we gewoon zijn. Prikkelende non-fictie.

8. Dit kan niet waar zijn van Joris Luyendijk, over de bijna-crash in 2008 en over de tijdbom in het hart van onze samenleving. Dit boek had ik liever niet gelezen, maar iedereen zou het moeten lezen. Ongelofelijke schrijver-journalist, aangeraden door Marc Buelens in zijn boek Slimme non-fictie schrijven.

9. Slimme non-fictie schrijven van Marc Buelens. Als je een boek wil schrijven en niet saai wil zijn… Merci, Geert Nijs, om het vuur in me aan te wakkeren. Maar ook gvd Geert, wat heb je me aangedaan?

10. De Netwerkexpeditie, Geert Nijs. Al is het maar omdat ik voor het eerst van dichtbij heb kunnen waarnemen hoe uitdagend en -puttend het is om een boek te schrijven. Er is een nieuwe mindset nodig om het gebruik van sociale technologie succesvol te maken. Heel graag gelezen. Veel uit geleerd. Merci, Geert voor dit stevige naslagwerk over de implementatiemogelijkheden van social technologies en voor de mooie erkenning die je me gaf.

Een paar Duitstalige werkjes…

11. Das Manifest für menschliche Führung van Marcus Raitner met 6 stellingen die het leidinggeven in het tijdperk van de digitalisering sturen. Prachtig geschreven, confronterend in het licht van de traditionele visie op leiding geven, traditioneel, maar 18de eeuws… Dank je wel voor dit cadeautje, Jane Schek, dat je me schonk tijdens onze onvergetelijke week in onze WorkaWOLiday in het Brechts Boshuisje.

12. Wahrheit und Verschwörung van Jan Skudlarek, dat me sturing gaf in de voorbereiding voor mijn eerste workshop over fake news. Onwaarheden ontkrachten uit liefde voor de waarheid. Jammer dat het nog niet in het Nederlands beschikbaar is. Ook een tip van Jane.

Ik wens je fijne eindejaarsfeesten toe.

Grtz

Annemie

Half september brachten Jane en ik samen een werk- en rustvakantie door. We kennen elkaar van de leermethodiek Working Out Loud. Vandaar de term WorkaWOLiday.

Photo by Gaelle Marcel on Unsplash

Jeukwoorden

In onze bedrijfswereld ,ook bij ons in de overheid, worden managementtermen enorm gebezigd. Hands-on, dedicated, tackelen, live, een go, issues, out of the box, agile, in the lead, performance, sparren, temporiseren, upskilling,… Ik ben een taalmens en wil begrijpen. Ik zoek naar de diepere betekenis van woorden, ook van managementtermen, en ontdek vaak perfect Nederlandse alternatieven. Hands-on bijvoorbeeld: Hij weet van aanpakken, initiatief nemen, een doener, oplossingsgericht of hij voegt de daad bij het woord.

Ik krijg daar jeuk van.

Ik gebruik ze soms ook, hoor. Klinkt goed, geeft een professionele, high-level indruk. Ik spar ook graag met een collega, geef support als iemand issues heeft en denk ook graag out of the box. De Engelse taal is zoveel rijker dan de onze. Dat heeft veel met de imperialistische geschiedenis van het Verenigd Koninkrijk te maken en met de overheersende Amerikaanse cultuur. No prob. Kijk, nu doe ik het wéér! Alleen vraag me toch – terecht – af of de gemiddelde werknemer het Managements begrijpt. We werken in een moeilijke context, met heel veel veranderingen en nog massa’s informatie – 35GB per dag! Ik denk dat we als manager -leider – nog best het gewone Nederlands gebruiken.

Ik hoop dat ik je hiermee aan het denken zet. Geef gerust weerwoord. Tackle my opinion! Google Translate zal support geven.

Grtz

Annemie

Assertiviteit: Mag ik mijn baas terechtwijzen?

In een gesprek merkt de ander op: “Ik merk een verschil op tussen assertief zijn naar mijn ondergeschikten/gelijken en naar mijn baas. Ik heb minder moeite met assertief reageren t.o.v. gelijken of ondergeschikten dan t.o.v .mijn baas.
Wanneer je iemand hogerop aanspreekt, moet je toch ook altijd rekening houden met je positie, je moet ergens toch ook de hiërarchie respecteren. Ik stel me dan soms de vraag of ik dit wel mag benoemen, mag ik mijn baas ‘terecht wijzen over een bepaalde zaak. Hoewel ik weet dat mijn huidige leidinggevende feedback wel respecteert en apprecieert, vind ik dit toch altijd wat spannender dan diezelfde boodschap brengen aan mijn eigen team of een gelijke collega.”

Geweldig hoe je deze vraag geformuleerd hebt. Juist en helemaal de nagel op de kop. Ik probeer nu een antwoord te formuleren dat jouw vraag ‘waardig’ is. Want je hebt gelijk in de wereld van het werken vandaag, maar je vertrekt vanuit een traditionele premisse, en die klopt niet meer, omdat ze uit de 18de eeuw stamt, een wereld waarin de baas alle kennis bezat en de arbeider niet aangeworven werd voor zijn brein, maar enkel en alleen voor zijn handen. Assertiviteit was een onbekende en laakbare eigenschap. Zwijg en werk!

In deze eeuw werken we met hoogopgeleide en mondige mensen, aangeworven voor hun deep knowledge. Er is een overvloed van informatie en alles verandert aan hoge snelheid. Het is niet meer mogelijk om als leidinggevende alle touwtjes in handen te houden en alle kennis in pacht te hebben.

Efficiënte communicatie is strikt genomen – zeker in onze kennismaatschappij – gebaseerd op gelijkwaardigheid en respect. Als je vandaag assertief vaardig bent kan je je behoeften en problemen uiten, met wie dan ook. Je zorgt ervoor dat je bezorgdheden en behoeften gehoord worden. Een assertieve medewerker is iemand die op een open en transparante manier praat met zijn collega’s, maar ook met zijn diensthoofden. Dat betekent dat we strikt genomen in gesprek mogen gaan, op een gelijkwaardige manier, vanuit respect voor elkaar. Dat zou in de ideale wereld de juiste invulling van assertiviteit – gehoord worden – en communiceren – luisteren – zijn.  En de teamleider van vandaag beseft dat hij niet alle wijsheid meer in pacht kan hebben, en dat ook niet hoeft, maar dat hij een team van mensen rond zich heeft, waarop hij kan steunen en waarmee hij, samen met hen, de juiste resultaten neerzet.

Maar we werken en leven al eeuwen zo, verander dat idee maar eens: mensen die ‘boven’ je staan,  behandel je met meer respect dan jezelf en de anderen, met een grotere terughoudendheid, met meer reserve. Impliciet gaan we er nog steeds van uit dat  ‘bazen’ beter communiceren, assertiever mogen zijn, het beter weten dan de medewerkers, een veel grotere deskundigheid hebben. Dat klopt niet meer, maar we denken nog steeds zo.

We vergeten bovendien dat deze leidinggevenden ook collega’s zijn, en vooral mensen, die af en toe in de fout gaan en dat zelfs mogen. We vergeten dat ‘bazen’ ook leren van feedback. We vergeten dat deze mensen zich in een ivoren toren bevinden, waarin ze nooit meer horen wat ze goed doen en wat niet. Dat heeft een van mijn vroegere teamleiders eens verteld: dat hij zich eenzaam voelde aan de top. Er was geen echte communicatie meer, vond hij, en hij voelde zich alleen in een team dat op zich zeer hecht was en trouwens heel goed functioneerde. Ik besefte dat hij echt goed zijn best deed, maar hij besefte niet dat zijn medewerkers hem als baas zagen en daardoor de draad van de communicatie doorgesneden hadden, tenzij er kritiek moest geleverd worden… Dramatisch voor alle partijen, maar ook voor de uiteindelijke resultaten…

Maar een leidinggevende heeft hiërarchisch en qua opvolging van resultaten nog altijd het laatste woord, ook vandaag en ook morgen. Er moeten targets gehaald worden, het bedrijf moet optimaal draaien: dat is nu eenmaal zijn taak. Als een medewerker die targets niet haalt, moet hij daarin bijgestuurd worden. In een ideale wereld gebeurt dat vanuit een coachende houding, in de praktijk jammer genoeg nog te vaak vanuit het 18de eeuwse command & control in functie van de winstmarge, niet vanuit een bevragende houding, niet met het juiste respect voor elkaar.

We leven niet in een ideale wereld: nog steeds zijn er heel veel bazen die communiceren vanuit de hoogte, vanuit de ivoren toren en vanuit het onjuiste zelfbeeld dat zij perfect werken en zijn. Als medewerker vandaag hebben we daar nog steeds rekening mee te houden. Dat is geen probleem als er vertrouwen is in de werkrelatie en veel respect voor elkaars kunnen en kennen. Dat is wel een probleem als je op de werkvloer niet als de mens die je bent, behandeld wordt.

Dus mijn antwoord is: ja, probeer vanuit de juiste assertivieve en communicatieve vaardigheden met je leidinggevenden te communiceren. Behandel hen als een mens, zorg dat je ook behandeld wordt als een mens. Maar hij blijft op vlak van resultaten wel de baas. Je bent aangeworven binnen contractuele voorwaarden en met een hopelijk duidelijke functieomschrijving.

Een pertinente en relevante vraag!

Grtz

Annemie