Working Out Loud: Week 10 (2): Geven is krijgen

Als je al een hele tijd netwerkt, ontstaat een hele lijst van contacten. In de cirkel die je doorloopt met de gidsen van Working Out Loud start je met een lijst van 10. Minder gekende mensen en goeie vrienden. Je leert hoe je hen contacteert en bijna rimpelloos bouw je op basis van deze primaire lijst een netwerk uit. Dat kan een beetje uit de hand lopen. Deze opdracht kan daarbij helpen, zo lees ik in de cirkelgids van week 10.

John Stepper stelt voor om niet elke week je hele netwerklijst te overlopen, maar extra informatie bij te houden van elke organisatie of persoon in je lijst. Dat helpt je om focus te houden en je contacten te bewaren, zegt hij. Hij raadt een steekkaartensysteem aan. Met gegevens over je connectie, de laatste bijdrage die je hebt gedaan & de datum waarop. En de datum waarop je nog een bijdrage wilt leveren & wat dat zou kunnen zijn. Je plant in feite de momenten van aandacht in.

Als je bijvoorbeeld een goed contact met iemand had, kan je binnen een paar weken een datum kiezen waarop je nog een bijdrage levert. Dat kan iemand zijn die je net hebt ontmoet en waarvan je nog niet weet hoeveel je in de relatie wilt investeren. Dan doe je je bijdrage misschien best een paar maanden later. Zo verlies je niemand “uit het oog”, maar ook niet “uit het hart”. Je hoeft dus al die follow-ups niet te onthouden. Dit eenvoudige systeem stelt je in staat om met mensen in contact te blijven zonder extra stress of fouten.

Het is de eerste opdracht in #WOL waar ik het wat moeilijk mee heb. En dat blijkt ook zo bij de WOLLIES, meteen al in het videogesprek.

Het geven van aandacht en erkenning aan een ander op basis van een steekkaartensysteem – hoe genereus ook bedoeld – krijgt een businessbijsmaaktintje, vinden we. Dat is ons te boekhoudkundig, te strategisch, te afgelijnd. Geven aan een ander doesn’t work this way vinden we, hoewel ik er 100% zeker van ben dat John Stepper dit zo niet bedoelt. Daar ken ik hem eerlijk gezegd ondertussen te goed voor. Ik heb met hem gecirkeld. Hij is genereus.

Maar de man heeft op enkele jaren tijd duizenden vrienden en business relations gemaakt over de hele wereld.

Toch passen we in deze cirkel voor deze opdracht.

We gaan het spontaan houden. Voor ons geen business as usual. Wij tekenen voor verbinding vanuit ons hart. Als we aan iemand denken, openen we Messenger, Whatsapp, Instagram of Linkedin en we schrijven een berichtje.

Dag Sonja
Ik heb al even niets meer van je gehoord. Laatst schreef je dat het niet goed ging met je tante en oom. Ik hoop dat ze ondertussen hersteld zijn van dit stomme virus en dat je deze mensen binnenkort weer mag verwennen met een bezoekje.
Hoe gaat het met jou?
Nog even en dan kunnen we weer eens afspreken! Of doen we eens een videocall?
Grtz
Annemie

En toch, een verjaardagswens via Facebook – kort en in een digitaal standaardkaartje – is niet zo warm als een echte kaart, zorgvuldig geschreven en 3 dagen voor de feestdag verstuurd. Schenk ons liever een schuldbewuste sorry voor een te late wens. Daar zit spijt achter, gevoel en vriendschap. Lijkt me een prachtig cadeau.

Ik vind jou tof, ik ben jou vergeten. Dat spijt me. Je bent meer waard dan dat… Ik wens je dus een geweldige voorbije verjaardag toe.

Vivianes dochter wijst ons de weg naar onbaatzuchtige generositeit. Ik nodig je uit om deze prachtige blog van een aankomende jongedame te lezen. Het raakte mijn hart. Geniet ervan.

Sophiesticated, de blog van Sophie Deforce. Geven is krijgen…

Geven is krijgen. Je krijgt meer als je onbaatzuchtig geeft. Genereus uitdelen van aandacht, meer is het niet. Sophie, dank je wel voor je voorbeeld.

John, we weten dat het precies dàt is wat je bedoelt. De steekkaartenoefening was op zijn minst inspirerend en daar danken we je voor.

Ik verstuur het berichtje nu naar Sonja. Ben benieuwd naar haar antwoord. En plots denk ik aan Dominique, onze kantinedame. We hebben elkaar al een paar maanden niet meer gezien. Ik mis haar soep. Die brengt ze elke vrijdag mee, gratis, gemaakt door haar gepensioneerde echtgenoot. Vol groenten en vriendschap.

Tijd voor een kaartje aan deze prachtige collega…

Warme groet

Annemie

Working Out Loud: week 10: Ontdek je meerwaarde

Week 10 in de Working Out Loud-cyclus, op weg naar een doel dat zowel je leven als je werk op orde zet. Week 8 van de quarantaine tijdens de Corona pandemie. Lidwien, Tamara, Viviane en ik kijken ondertussen uit naar onze wekelijkse videochats, waarin we verderwerken aan de opdrachten die de cirkelgidsen ons aanbieden. We hebben wat meer tijd nu, dankzij het verplichte home office work, want in het oude normaal WAREN we minimum twee uur per dag onderweg en die kunnen we in het Nieuwe Normaal perfect thuis inzetten.

De kinderen van Lidwien maken het goed. Ze zijn aan het koken geslagen. Er is rust in huis, er is ruimte om te reflecteren. Tijd voor perspectief op onze drukke levensbezigheden, focus op de noodzakelijke dingen, meer tijd om te voelen wat je nodig hebt. Extra tijd om onze dagelijkse structuur te herdenken. Time management zoals het hoort.

Toevallig of niet, week 10 sluit daar wat op aan. #WOL biedt denkopdrachten aan over onze aanwezigheid in online en offline netwerken en de bijdragen die we daarin kunnen leveren. Hoe kan dat efficiënter en met een bepaalde structuur? Met welke post kan ik iemand een plezier doen, zijn kennis verruimen, welke informatie kan ik delen met wie en op welk socialmediakanaal. Wat kan een efficiënte en nuttige bijdrage voor een ander zijn? Hoe kan ik iemand anders helpen zodat hij of zij kan bijleren of zijn eigen kennis verdiepen. Hoe doe je dat, zonder een keten van zinloze informatie – spam – voor de ander te creëren? We bekijken de volgende thema’s:

  1. Hoe bied je aandacht op de juiste manier, vanuit jouw goede wil om een ander op weg te helpen?
  2. Hoe toon je appreciatie voor de bijdragen die anderen op social media delen, in het algemeen maar ook specifiek voor jou?
  3. Welke bronnen die ik ken en gebruik, kunnen nuttig of interessant zijn voor een ander?
  4. Welke informatie heb ik nodig? Wie heeft die informatie? Wie staat open voor het delen van zijn informatie? De meeste mensen, laat ons daar maar gerust over zijn.
  5. Wat is het belang van een vraag die aan jou gesteld wordt? Wat doe je ermee? Het is vanzelfsprekend een mooie kans om je netwerk te verdiepen en proberen tot een nuttige connectie te komen.
  6. Hoe kan ik mensen op een doordachte – niet hatseklats – manier met elkaar in verbinding brengen? Want ik ken allicht mensen met deze knowhow, maar zij kennen elkaar niet. Hoe kan jij als knooppunt fungeren en hen bij elkaar brengen, zodat zij hun eigen verhaal kunnen beginnen bouwen?
  7. Deel je work in progress, hoe angstaanjagend dat ook lijkt. En is.
  8. Bied zelf feedback aan.
  9. Deel jouw ervaringen. Waag je aan een artikel op LinkedIn of start een blog.
  10. Bied originele ideeën aan. Welke kansen tot samenwerking zie jij?

Ik ben zelf al 3 jaar actief met de WOL-leermethode. Ik heb onmenselijk veel bijgeleerd, misschien wel meer dan in al mijn jaren daarvoor. Maar ik heb ook ervaren hoe de basisprincipes van Working Out Loud me uit mijn comfortzone smeten en me geleerd hebben om

– op eigen kracht zoeken naar leermomenten binnen een netwerk dat je opbouwt rond je eigen knowhowbehoeften en peer support,

– elkaar op weg te helpen, zonder instructies van een meerwetende leider.

Punt 1, 2 en 8 zetten me zwaar aan het denken. Ik heb er nooit aan gedacht dat mijn aandacht voor iemand anders wel eens een meerwaarde zou kunnen hebben. Dat andere mensen wel eens blij zouden kunnen zijn als ik appreciatie toon voor hun werk. En dat ze iets zouden kunnen leren van feedback die ik hen geef. Ikke, kleine garnaal in een massieve organisatie van 5000 werknemers.

Punt 3, 6, 8, 9 en 10 brachten me aan de rand van een shock. Ik heb mezelf nooit gezien als iemand die iets voor anderen kan betekenen op vlak van kennis en informatie. Ook al heb ik een serieus diploma aan mijn organisatie geboden en heel veel ervaring en knowhow opgebouwd, ik heb dat nooit zo ervaren.

Why is it when I ask a pair of hands, I always get a brain attached?

Henry Ford

Punt 4, 9 en 10 ontketenden voor mij een levensgrote crisis. Mijn werk delen? Mijn work in progress? Echt waar?
Ik heb daar echt, echt, echt geen goede ervaringen mee! Ik heb geleerd dat als je een idee of een mening hebt, of een plan, een voorstel, dat dat helemaal wordt gefileerd, zodat er niets meer van over blijft. Of “dat we dat niet gaan doen”. En dan kruip ik als een konijn terug in mijn hol. Beetje mijn wonden likken.
Ik hield er een sjieke burn-out aan over.

Toch ben ik beginnen bloggen en werk beginnen delen. En ik schrijf nu een boek.

Gesprekken met cirkelleden wijzen uit dat deze week een algemene eye-opener is. De grot van Plato. Echt.

Wist ik veel -weten wij – dat onze samenleving al eeuwen opgebouwd is rond een structuur die in het Industriële Tijdperk ontstond. Een structuur waarbij leerstof en kennis in handen is van één alwetende mens, die vanuit dit standpunt lesgeeft. En leiding geeft.

Wist ik veel – weten wij – dat deze vorm van leren en werken in een hiërarchisch maatschappelijk bestel ons zodanig gevormd heeft, dat we niet in staat zijn om resoluut zelf sturing te geven aan kennisverwerving. ‘De grootste aap, die staat van voor, die doet de zotste kuren voor…’
Niet in staat tot zelfsturing. En bang om work in progress te delen.

Wist ik veel -weten wij – dat wij – dé werknemer -ook hersenen hebben en best goede ideeën kunnen hebben. Dat de kracht van innovatie, creativiteit en alles wat met de uitdagingen van de 21ste eeuw in handen ligt van samenwerking, met de leider tussen ons in en niet in een ivoren toren, ver boven in de wolken?

Ik heb altijd gedacht dat ik niets te vertellen had. Dat ik maar een kleine mier ben in een groot geheel. Ik heb nooit beseft dat niet alleen ik, maar de meeste mensen in de wereld van het werken, wel degelijk een meerwaarde hebben. Dat mensen met een gezond en kritisch verstand nodig zijn op de werkvloer van vandaag.

De medewerker van vandaag is hoogopgeleid of een verstandige vakman. We hebben school gelopen – 10 jaar meer dan in de 18de eeuw – toen we in de fabrieken ingezet werden, als radertjes in dienst van de industrie. Een onderwijssysteem waar we allemaal door dezelfde mangel gingen, dom, slim, rijk of arm.

Ook in deze week zit een enorme kracht. In de 21ste eeuw hebben we creatieve, kritische denkers nodig op de werkvloer. Mensen die zichzelf daarin kunnen sturen. Werken in functie van innovatie. Daarvoor is een netwerk nodig, zodat we kunnen bouwen op elkaars knowhow. Sharing is caring. Open en transparant communiceren over wat je op je werk doet. Over je meerwaarde.

Dat is de groeimindset waarmee Carol Dweck de wereld van het werken probeert wakker te schudden. Samen werken aan nieuwe resultaten, nieuwe ideeën,… buiten het eigen team, buiten de onderneming waar je werkt. Uit de stille silo’s van de 20ste eeuw naar een wereldgroot team van innovatie en ongekende creativiteit. Verbinding, niet vanop een ladder, maar vanuit peer support.

Voor mij betekende week 10 een crash in mijn beeld over werken en leven. Een nieuwe weg.

En ik lig sindsdien hopeloos overhoop met hiërarchische toestanden.

Ik beloof dat de volgende blog weer vrolijk is.

Toch een warme groet

Annemie

Working Out Loud: week 8: Werken aan een doel wordt een gewoonte

We werken al zeven weken aan ons doel. In feite hebben we dit proces in januari in gang gezet maar life gets soms in the way en dan moeten we al eens uitstellen. Verhuis-, werk- en dochterperikelen. Bovendien blijkt de quarantaine qua tijdsbesteding valse verwachtingen te scheppen. Covid-19 slaat ook in onze cirkel hevig toe: zij het niet op het werk, dan thuis. De kinderen vragen een extra engagement, eentje van ons ziekt een paar weken uit. Hoe gaat het trouwens nu met je vader, Tamara?

Als een doel écht aan je hart gaat, als je er écht voor wil gaan, moét er mentale ruimte en tijd zijn. Eentje van onze cirkelleden heeft écht andere prioriteiten, er is nu even geen ruimte voor een doel. Dat is helemaal niet erg, hoewel we dan doorgaans heel hard voor onszelf gaan zijn. Nuchter bekeken kan je je inderdaad de vraag stellen hoe moeilijk het is om voor een zuiver en essentieel levensdoel te gaan, maar als de gewone struggle of life je helemaal in beslag neemt, moet je af en toe de pauzeknop indrukken. Die pauzeknop is namelijk ook een manier om je leven richting te geven. Even géén richting geven kan net zo goed bevrijdend zijn.

Er is een schakeltje in onze cirkel weg, en we hopen dat ze snel weer terug is. Of dat ze de draad later weer kan oppakken, als het leven weer kabbelt en stroomt… Het is even slikken voor ons, want op korte tijd hebben we een connectie opgebouwd, dieper dan vaak in het dagelijkse leven mogelijk is. Dat typeert Working Out Loud: mensen die elkaar niet kennen gaan een verbinding met elkaar aan door samen aan een groeipad te timmeren.

Het offline leven openbaart zich dagelijks op een dwingende manier. We ondergaan deze uitdagingen, netwerken en connecties impulsief en intuïtief. We leren bijvoorbeeld mensen kennen en genieten een tijdje van een intense verdieping. Zo’n vriendschap kan jaren duren, maar verloopt gewoonlijk in ups en downs. Na een lange UP ervaren we af en toe een ellenlange, levenslange down. Een neerval waarin we ons blijven koesteren in de warmte en de connectie van weleer, een relatie die ons niets meer te bieden heeft dan een blik terug op warmte en vergane verbinding.

Ik steek daar veel tijd in, in het onderhouden van vriendschappen en relaties, puur uit erkenning voor wat eens was, zonder te kijken naar wat zich op relationeel vlak NU afspeelt. Dat is veel tijd die ik ten nadele van waardevolle relaties en uiterst waardevolle eigendoeltijd verlies. Het heeft me tot #WOL gekost om dat inzicht te verkrijgen.

Werken aan je doel, betekent bovendien ook andere doelen onder de loep nemen. Ik ben een Oh-dat-wil-ik-ook-doenmens. Dat is zonder meer een levenskwaliteitsbedreigende eigenschap. Veelzijdigheid en een grote belangstelling voor alles wat het leven, je lijf – sport en challenges – en je vrienden je bieden, getuigt van een aan obesitas neigende gulzigheid en is vooral dodelijk vermoeiend, vooral als je dat alles met een nietsontziende passie en perfectionistische ingesteldheid doet.

Working Out Loud schonk mij op dat vlak een grondig zelfinzicht, in een poepsimpel programma waarin je op 12 weken tijd gestructureerd en in verbinding met jezelf en met anderen aan een doel leert werken. Time management in het kwadraat. Poepsimpel en aan niet-kenners niet uit te leggen… Je moet het doen voor je de eenvoud ervan kan plaatsen.

Deze week initiëren we een tabel, waarin we de stappen die we voor ons doel visualiseren. Een banale maar langvergeten gedachte in onze Westerse manier van denken: Ieder stapje – hoe minuscuul ook – telt. Kijken we niet enkel naar de behaalde resultaten? Genieten we eigenlijk nog van de weg naar het doel?

Ik hang dus sinds midden 2017 een weekoverzicht op de spiegel van mijn badkamer, per doel. Ik plaats er iedere dag een vinkje in ruil voor minstens een paar minuten doelgerichtheid. Dat mogen minuten zijn, ja, of denk- en piekerperiodes, momenten die van een grote waarde blijken.

Enjoy the path, not the destination. Een olifant kan je onmogelijk ineens verorberen, je maakt er eerst hamburgers van. En je geniet van die hamburgers… Een simpele wijsheid des levens. Een doel bereik je in stapjes. Geniet van de stapjes en niet van het bereikte doel.

Dat inzicht presenteerde me de weg naar een levensdroom. Mijn eerste boek is bijna af. Er staan 12 blogposts over Working Out Loud in de steigers. Working Out Loud ondersteund door WOL-genoten. Een gouden richtingwijzer met het juiste netwerkje. Dank je wel @tamara @lidwien @carina en @viviane.

Grtz

Annemie

Working Out Loud: Week 8: (2): Why are you here?

In een vorige cirkel adviseerde Jane Schek me dit boekje: The Why Café, van John P. Strelecky. Dat betekende voor mij een reusachtige doorbraak en een ommekeer in het hectische leven dat ik tot dan toe leidde.

Toen ik het boekje voor het eerst las, wist ik dat een second reading nodig was. Die kwam een paar weken later in Spanje, waar ik een weekje vakantie doorbracht met mijn hartsvriendin Elly. Ik had haar het boekje cadeau gedaan. Levenszinzoekster als ze is, wist ik dat het ook haar hart zou beroeren.

Elly en ik zijn namelijk net als John in het boek eenzame reizigers met een drukke baan, waar te veel energie ingaat. Zijn tijd wordt opgeslokt en hij heeft zo ongelooflijk veel haast, dat hij letterlijk en figuurlijk op een kruispunt staat. Waar moet hij naartoe?!

Dat kruispunt herkenden Elly en ik. Iederéén rijdt dit volgens mij een bepaald moment in zijn leven op.

John rijdt met zijn auto verloren en komt ergens in een klein eetcafé terecht, in the middle of nowhere. Hij besluit daar binnen te stappen. Op de menukaart vindt hij niet alleen een aantal maaltijden, maar ook 3 specifieke vragen op de kaart.

  • Waarom ben je hier?
  • Ben je bang om dood te gaan?
  • Voel je je voldaan, vervuld? (Engels: fulfilled)

Die vragen doen niet alleen Johns hoofd tollen, maar ook het mijne, zijn lezende medereiziger.

Serveerster Casey en 3 gasten helpen John in zijn zoektocht naar nieuwe inzichten, zelfontdekking en kennis. Thema’s waar Elly en ik doorgaans veel tijd aan spenderen, maar die we in onze vakantie echt tot op het bot konden uitspitten, temeer omdat ik dag 4 een ongelukkige val maakte en de rest van de tijd in een rolstoel doorbracht.

Deze inspirerende en verrassende gesprekken van John in het surrealistische cafeetje en die met mijn Elly hebben mij de weg getoond naar de resterende tijd hier op deze aardkloot. Sindsdien ben ik rustiger, gelukkiger. Ik bezit nu eindelijk de focus die ik nodig heb, hoewel ik niet minder passioneel in het leven en in mijn werk sta. Je bent wie je bent en dat is goed. Ook dat heeft me uiteindelijk rust gebracht.

Grtz

Annemie

Working Out Loud: Week 7: met open ogen de leeuwenkuil in?

Op papier zijn we al 7 weken bezig met ons doel. We werken aan een netwerk van mensen die ons op weg kunnen helpen of mensen die we zelf kunnen verder helpen met onze knowhow. We ontdekken waar onze meerwaarde voor een ander zit – tiens, betekenen wij een meerwaarde voor onze medemens? – en hoe we ons werk en onze knowhow genereus kunnen delen. Maar dan moet je je work in progress durven delen en dat blijkt een angstaanjagende horde. Ook al zeggen ze “sharing is caring”.

Ik heb niet zo’n goeie ervaringen met delen van work in progress. Vooral op het werk. Ik zit er niet mee om feedback te krijgen, maar ik vind dat we met zijn allen niet zo goed zijn in het geven van feedback op een correcte manier. Ongezouten, ongefilterd, bevooroordeeld, ongefundeerde of door jaloezie of het eigen hachje gedreven feedback… dat heeft me in al de jaren getekend… Ik heb veel schrik en weinig vertrouwen in wat ik een ander te bieden zou kunnen hebben. Ik ben het niet gewoon om te denken aan mezelf in termen van meerwaarde ten opzichte van een ander. De Vlaamse bescheidenheid zit er goed ingebakken.

De Wollies vertrouw ik op een of andere manier. Ze willen me helpen. Dat voel ik sterk aan. Het zijn echte supporters. Ze dagen me uit.

Ik ga de challenge aan. Ik krijg 7 dagen om mijn eerste leesproef met hen te delen.

Volgende zondag dus. Griezelig is dat. Ondanks het wederzijdse vertrouwen ben ik bang. Irrationeel bang. Een legaat van vele jaren moéten delen… met open ogen in de leeuwenkuil stappen.

Toch ben ik erg dankbaar met de feedback. Deze mensen zetten me in de goede richting. Zacht, met fluwelen handschoenen. Dat hoeft nu ook weer niet. Maar het heeft het ‘aanschijn’ van mijn boek totaal veranderd. Bij hen mag ik mijn kleine zelf zijn… Dat is louterend.

Oef, de volgende horde is genomen. Ik kan weer verder. Focus richting 12 blogposts. Focus richting mijn eerste boek. “Klinkt het niet, dan botst het maar?”

Dank je wel, dames. Uit de grond van mijn hart.

Grtz

Annemie

Working Out Loud: week 7: brief aan je toekomstige IK

Hoe wil jij dat werk en leven eruitziet over 1 of 2 jaar? Hoe voel je je bij deze vraag? Enthousiast? Bang?

Het is beslist de meest intense oefening van het hele #WOL-proces. Daar zijn we het allen mee eens. Beetje raar in deze coronacrisis, waarin we allemaal in ons kot moeten blijven. Lidwien heeft haar project moeten opschorten, Partena ligt ten dele plat. Tamara is herstellende en heeft naar eigen zeggen té veel tijd gehad om te piekeren. Dat is niet goed voor haar project. Maar we verzekeren haar dat dat deel is van het proces. Dat vallen en opstaan, steeds weer de moed verliezen en jezelf weer opkrikken om door te gaan. Ik bevestig dat stellig: mijn boek groeit, maar frustratie pakt me minstens wekelijks bij de keel. Hou ik dit vol? Is het wel de moeite waard? Ga ik dit kunnen?

Viviane doorworstelt best een stevig WOL-proces. Zoeken naar focus. Wat in feite haar doel in deze cirkel is. Dat is best confronterend voor haar. Het pakt veel energie. Dat begrijp ik helemaal. Ik heb het zelf meegemaakt. Een paar jaar geleden. Hou moed, Viviane, je doet dit fantastisch goed, je geeft niet op. Je bent op weg.

We hebben ons wat meer tijd genomen om deze brief te schrijven. Een brief aan het eigen zelf die we naar de toekomst sturen. Dat kan via futureme.org. Mijn brief valt door deze tool binnen anderhalf jaar in mijn mailbox. Maar ik hang hem ook op in mijn home office. Kwestie van focus houden…

Beste Annemie

Op het moment dat je deze brief schrijft, woedt de coronacrisis over de hele wereld. Lidwien en Tamara zieken op dit moment uit. Het is vandaag 21 maart 2020 en je hebt net een fantastische natuurwandeling in je dorp achter de rug. Het zonnetje schijnt uitbundig maar de scherpe kou houdt de lente op afstand.

Als je deze brief leest, ben je een jaartje verder. Je eerste boek is uitgebracht: Als het niet klinkt, dan botst het maar – met illustraties van je zus Lieve – waarin je vertelt over je avonturen in de online leeromgeving en de prachtige contacten met cursisten waarvan je tot vandaag mag genieten. Je bent blij dat deze bucketlistwens achter de rug is en je hebt ondertussen 300 exemplaren verkocht. Dat heb je goed gedaan. De eerste druk zat op 20 exemplaren, je vrienden hebben goede feedback gegeven en de vierde druk ziet er nu pico bello uit. De foto’s die Tamara voor dit project maakte, zijn prachtig. Eentje ervan hangt levensgroot in mijn home office.

Je zus Lieve heeft doorgezet. De illustraties in het boek zijn prachtig geworden.Het gaat steeds beter met haar, ook al blijft haar leven een moeilijke strijd.  Ze heeft weer een doel in haar leven, ze voelt zich weer ‘nodig’ en ‘nuttig’. Je hebt haar door samen dit project te doen weer een beetje richting kunnen geven. Daar mag je best fier op zijn.

Je hebt net een tweede project afgewerkt: de twaalf blogposts die je schreef in de WOL-cirkel, waarin je een heel pad aflegde met Tamara, Lidwien, Viviane en Carine. Barbara Hilgert, uit de cirkel van vorig jaar, heeft er ook 12 geschreven en jullie hebben deze posts samengebundeld. Barbara heeft de uitgave in het Duits geleverd, jij die voor het nederlandstalige taalgebied. Zo proberen jullie Working Out Loud in de wereld te brengen, een prachtige methodiek waarin je leert aan een persoonlijk doel te werken, door in diepe verbinding met anderen te gaan en vooral, met jezelf. Want in deze knotsgekke wereld is die band met onszelf heel ver weg. Wat zijn we vervreemd van onze diepste wensen en waarden…

Je kijkt terug op 4 nieuwe, lieve vriendinnen: Tamara, Lidwien, Carina en Viviane. Sharing is caring. Het einde van de cirkel hebben we gevierd van zodra de coronacrisis bedwongen was. We hebben nog geregeld contact met elkaar.

Ga op je doel af! Wat is je doel? Is deze vraag eigenlijk al eens bij je opgekomen? Het begin van alle focus. Jij kiest…

Grtz

Annemie

Working Out Loud: week 6: zoekterm: JEZELF!

We begrijpen uit week 5 dat we moeten leren communiceren over ons mentaal kapitaal, over wat we de ander aan kennis, ervaring en achtergrond kunnen bieden. Dat doen we door in #WOL-cirkel nummer 5 af te dalen naar de persoonlijkheid àchter de professional. De mens àchter de medewerker van een bedrijf, àchter de zelfstandige. Wat drijft je, waar houd je je in het leven mee bezig, met welke activiteiten verlies je de tijd uit het oog, hoe ziet je gezin eruit, voor wie draag je zorg,wat zijn je interesses en je passies?

Het zijn de thema’s die we met geliefden thuis en de collega’s op het werk delen. Het maakt het samenwerken aangenaam en veilig. Samenwerken doe je liever en vooral beter als je elkaar wat beter kent. Het hele plaatje: de gevoeligheden, interesses enz. Daarom werken we ook het liefst binnen ons eigen team. Het warme bed van de verbinding.

In week 6 bekijken we onze online identiteit. Met een vanity search – een zoektocht naar jezelf – krijg je een beeld over je digitale aanwezigheid en de identiteit die je daar opbouwt. We bekijken of de gegevens en de foto’s die we op het internet van onszelf vinden, de juiste boodschappen zijn. Want:

  • Hoe zie ik eruit op het internet? Wat lezen mensen over mij?
  • Is wat ik vind over mezelf op het net wat ik wil dat mensen weten over mij?
  • Voor welke thema’s wil ik gevonden worden?

We gaan meteen ook op zoek naar elkaar. Wat vinden we online aan informatie over de cirkelleden?

Wie ben ik op het net?

Je kan natuurlijk beslissen om niets te doen met social media en je virtuele ik. Maar het loont in onze kennismaatschappij absoluut de moeite om bewust aan de slag te gaan met de virtuele ik waarmee we in dit ijdelheidsonderzoek kennismaken. Vanzelfsprekend staat het iedereen vrij om social media in te zetten in jouw zoektocht naar de juiste knowhow, naar de juiste gelijkgeïnteresseerden. Het staat je vrij om je online profiel al dan niet bewust in te zetten.

Maar laat ons eens de puntjes op de i zetten. De wereld is op minder dan een decennium tijd ons dorp geworden. Tegelijkertijd worden we enerzijds overstelpt met informatie en anderzijds geconfronteerd met gaten in onze eigen knowhow. Knowhow is bovendien constant onderhevig aan updates. Dat trekken we niet meer alleen in de analoge wereld.

De knowhow van mensen over de hele wereld ligt aan onze voeten. Met een consequente online aanwezigheid bouwen we een efficiënt en waardevol netwerk uit van peers waarin we elkaar de juiste support geven, ook buiten het eigen team en – dat is voor velen ongekend en totaal bedreigend – buiten de eigen onderneming of organisatie elkaar de support geven die ze nodig hebben om te groeien.

E-mail zou wel eens helemaal uit de kast van de digitale tools kunnen vallen. We gaan binnenkort écht geen informatie met elkaar delen door op de knop ‘allen’ te klikken. Er zijn té veel andere en veel doelgerichtere middelen om écht transparant met elkaar te communiceren: over het werk en over de dingen die ons drijven in het privéleven.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Keith-Ferrazzi.jpg

Als je online identiteit duidelijk is, vinden gelijkgezinden en professionele peers elkaar. Ze kunnen elkaar vragen stellen, elkaar op weg helpen. In Working Out Loud leer je netwerken vanuit generositeit – welwillendheid of vrijgevigheid – en niet vanuit hebzucht, de killer van de netwerken van vandaag.

In de laatste 2 jaar – zolang ik met Working Out Loud werk – heb ik een focus opgebouwd, niet alleen in mijn brein, maar ook in mijn dagelijkse en professionele activiteiten. Dié focus en het netwerk dat ik ondertussen uitgebouwd hebt, heeft van mij een sterke professional en kenniswerker gemaakt. Daar ben ik fier op, ook al is het not done om dat te verwoorden.

Working Out Loud heeft mij op een hoger level gezet:

Alle social media heb ik efficiënt en met oog voor de eigen privacy leren inzetten via de verschillende WOL-cirkels.

Ik speel met allerhande digitale tools. Collega Hilde noemde me vrijdag een digitale krak. Het klopt dat ik daar ogenschijnlijk met groot gemak mee omga. Maar wat weinigen weten, is dat ik die tools in de vingers heb omdat ik er samen met gelijkgeïnteresseerden in alle veiligheid mee heb leren werken. En niet tijdens de werkuren, en zeker niet altijd met mijn eigen collega’s. Intrinsieke motivatie is een essentieel onderdeel van een leerproces.

Collega Gert noemde me vrijdag een freak. Klopt, ik heb ‘s avonds de nieuwe tool Wiziq voor het eerst zelf gebruikt in mijn WOL-cirkel met Hannelore, Hannah en Barbara. Buiten het werk. Ik vind dat niet vreemd. De dingen die ik doe en mag doen op het werk vind ik grandioos. Maar ik heb af en toe wat veiligheid nodig om te oefenen en deze vind ik niet altijd op de eigen werkvloer. Het masker afzetten is daar tot vandaag namelijk niet evident…

Mijn achtergrond in leren en development heb ik grotendeels te danken aan een aantal WOLlies. Ik denk o.a. aan @GeertNijs en @JenDeneckere van KBC, @Jane Schek, @Pia Seppelfricke en nog vele anderen. In verbinding met elkaar communiceren over wat ons drijft op het werk. Afgelopen week hebben we in ons team leren werken met de digitale klastool Wiziq.

Dat kan ook via social media. In feite bieden die dé ideale platforms om jou en je competenties te ontdekken.

Op een of ander congres in Duitsland vertelde Sven Franke – een Duits consultant en auteur van een aantal boeken over digitalisering me: “Nur Batman darf auf der Arbeit eine Maske tragen.”

Ik heb mijn masker al jaren geleden afgezet. Na week 6 in Working Out Loud ook online. Je vindt op het internet wie ik ben, waar ik voor sta, wat ik interessant vindt en waar ik goed in ben. Niet om te stoefen, maar om anderen te helpen. Niet om op te vallen, maar om hulp te vragen als ik er nodig heb.

Ik werk sneller dan ooit. Dat is nodig in deze woelige VUCA-tijd.

Warme groet

Annemie

Working Out Loud: Week 5: Vertel over jezelf, 10 van de 50

Een beetje over mezelf. Met een foto uit begin 1996, met mijn ouders, mijn zussen en mijn broer.

Eén van de leukste opdrachten in de cirkelgidsen is de oplijsting van 50 feiten over jezelf. Vertel over jezelf, daar gaat deze week over. Beetje simpele opdracht, leek me. Maar in feite ga je hier stilaan naar de kern van deze leermethodiek. Waar kan je de ander mee van dienst zijn? Wat kan je een ander bieden?

In deze week komen de tongen echt los. Ook al communiceren we al vanaf het eerste moment uiterst open met elkaar, nu tonen we echt ons hart, onze passies en een stukje kwetsbaarheid. Het blijkt één van de sterkste weken te zijn in #WOL. Delen wie je (ook) bent. Een stukje van je eigen sluier oplichten. Wie zit er achter jou als werknemer of je virtuele ik? Wat zit er achter het masker van professionaliteit op LinkedIn? Of op Facebook.

Ik besluit in deze blogpost om voor deze openheid te gaan, niet alleen binnen de eigen veilige cirkel, maar gewoon openbaar. Niet dat ik daar normaal gezien zoveel moeite mee heb, ik ben gewoon die ik ben. Maar toch. In een professionele context jezelf een stuk blootleggen, aan mensen die je normaal gezien niet kent… ik moet even slikken…

Een tiental feiten die me maken wie ik vandaag ben… En een paar geliefden

  1. Mijn 23- jarige adoptiedochter Ecaterina uit Moldavië – in juni 1999 voor het eerst in onze armen. Mijn man, mijn grote liefde, steun en toeverlaat.
  2. Al 32 jaar mezelf bij VDAB, met passie en veel plezier.
  3. Gebeten door alles wat met digitalisering, social learning en soft skills te maken heeft.
  4. Bijna elke dag sport: zwemmen, pilates, spinning, wandelen…
  5. maar ik crash ook graag in de zetel, liefst met een boek en een glaasje wijn.
  6. Ik heb een lamme schouder gehad, een kapotte knie en een zere voet. Drie operaties op anderhalf jaar tijd…
  7. en min of meer plots ook een burn-out of iets anders, I don’t know. Een ingestorte wereld, helemaal opnieuw beginnen…
  8. met de leermethodiek Working Out Loud. #WOL – en mijn van nature positieve mentaliteit – sleepte me uit de put, en ik heb mijn levensdoelen en passies scherp gesteld…
  9. en daar heb ik de rest van mijn leven plezier van. En rust ook. Hoewel…
  10. ik werk aan een boek over soft skills in…
  11. online leren… nog een passie van mij.

We zijn allemaal mensen, met diepe gevoelens, grote dromen, kleine kantjes, zware dagen. Daar zit onze essentie is o! Dat is onze basis van dienstbaarheid aan een ander.

“Nur Batman darf auf der Arbeit eine Maske tragen.”*

Sven Franke

Generositeit: er zijn voor een ander door te tonen wie je bent…

Grtz

Annemie

*Alleen Batman mag op zijn werk een masker dragen.

Working Out Loud: week 5: Is it safe enough to try?

We hebben allemaal – jong en oud – een hele rugzak vol met kennis, vaardigheden en nuttige ervaringen waarmee we anderen van dienst kunnen zijn. Tegelijkertijd hebben we niet geleerd om over kennis en vaardigheden te communiceren. Want in het Vlaamse land heet dat nog altijd ‘stoefen’. En dat doe je niet!
Bovendien – nog erger – gaan we er nogal gemakkelijk van uit dat we niet veel te bieden hebben. Of denken we er veel te diep over na. “Zou ik?” (…) “Neen, toch maar niet…” Fouten maken mag trouwens tot nader order ook niet. Dus zwijgen we als vermoord en schamen we ons alvast dood voor de fouten die we (n)ooit maken.

In de oude wereld van het werken was dat niet erg. De baas wist toch alles. Er werd niet van ons verwacht om na te denken. De industrie had namelijk alleen onze handen nodig:

“Why is it every time I ask for a pair of hands, they come with a brain attached?”

Henry Ford

Maar op het werk beleven we vandaag een fundamentele ommezwaai. Alles wat manueel kan, wordt toenemend in het buitenland of door computers gedaan. De industrie draait niet meer op onze handvaardigheden, maar op wat er in ons hoofd zit. We transformeren in een sneltempo naar een kenniseconomie die inzet op innovatie en creativiteit. Ook een arbeider heeft vandaag zijn grijze massa nodig, tot vandaag zwaar onderschat.

Een kenniseconomie drijft op creativiteit en innovatie. Als je dan niet deelt wat je kan en kent, heeft dat serieuze gevolgen. Als je je ideeën en inzichten niet communiceert, kan je er niemand mee van dienst zijn. Als je niet deelt, groei je niet.

En dan groeit een kenniseconomie ook niet.

Sharing is caring. Delen wat we kennen, delen wat we weten, delen wat we willen kunnen, delen wat fout gaat, het is de basis van innovatie en creativiteit. Maar dat moet wel goed aanvoelen en daar knelt een heel nauw schoentje. Want als je je niet veilig of comfortabel voelt in het team waarin je werkt, ga je dat niet doen. Als je buiten jouw team geen andere mensen kent – of oh nee, buiten de eigen onderneming! -, ga je niet delen. Delen van kennis betekent gevaar!

Voor deze week maakten we elk een lijstje van personalia. Sommigen behaalden de gevraagde 50 feiten, anderen (nog) niet. Maakt niet uit, het gaat om het gesprek dat hieruit voortvloeit. Wat hebben we gemeenschappelijk, waar kunnen we iets voor de ander betekenen? Hoe kunnen we elkaar op weg helpen, niet zelden alleen op persoonlijk vlak.

We werken graag bij onze organisatie. Dus sparren we: Hoe kunnen we onze passies, onze interesses en onze skills inzetten in onze job? We reflecteren over de inhoud van onze rugzak, over onze onzekerheden – en schrik – en over wat we nodig hebben om te groeien in een snel veranderende wereld. In een #WOL-cirkel vervaagt de grens tussen passie en job tot een flinterdunne stippellijn.

Het is leuk om te weten hoe Partena evolueert naar een vlakke organisatiestructuur, zonder oeverloze analyses, maar met doordachte en doordringende acties, samen met hun mentaal kapitaal. KBC zet in op het leerpotentieel van zijn personeel. Shape Your Future moet medewerkers in staat stellen om mee te gaan in de grote ommezwaai. Viviane – Corporate Account Specialist – werkt hier actief in mee en droomt er luidop van om deze rol nog veel ruimer te kunnen opnemen.

Ik vertel over het belang van de workshops die VDAB organiseert: Digitaal denken en Mediawijsheid. We dromen, stel dat we onze handen in elkaar konden slaan en de 3 ondernemingen kunnen samenbrengen. Sharing is echt caring.

Ik bedenk ondertussen dat ik in 5 simpele sessies meer weet over deze onbekende mensen dan van mijn eigen collega’s op de Centrale Dienst… What a waste of knowhow…

Lidwien leerde naaien in 5 lessen. Maar ze kwam tot volle groei in het naaiclubje dat ze samen met haar vriendinnen op touw zette. Samen YouTube-filmpjes analyseren, proberen, losdoen, opnieuw beginnen, weer mislukken en weer opnieuw…

Het was daar veilig genoeg, met die vriendinnen, ergens in het Antwerpse. “Als ‘t mis is, doen we het gewoon weer los.” FAUTE MAAKE MACH!

Pure #WorkingOutLoud: delen, eerlijkheid, er zijn voor elkaar, samen groeien, durven springen.

Ze zeggen dat ik een people manager ben…

Mensen die de cursus ‘Toolkit voor leidinggevenden’ volgen, doen dat meestal vanuit hun droom: people manager zijn. Maar hoe doe je dat? Vanmorgen mocht ik genieten van deze inspirerende kennismakingsopdracht:

Beste coach

Met deze cursus hoop ik te ontdekken of het waar is wat mijn collega’s me zeggen, namelijk dat er een people manager in mij schuilt.

Leiding geven zie ik eigenlijk als leiding nemen. Daar bedoel ik mee dat je de eindverantwoordelijkheid neemt voor de taken die een team verricht. Dat doe je volgens mij niet door je macht als baas uit te spelen of medewerkers te behandelen als ondergeschikten. Integendeel, ik vind het belangrijk om mensen hun eigen stukje verantwoordelijkheid te geven en te betrekken in wat er moet gebeuren.

  • Ik wil vertrekken vanuit vertrouwen, ik wil ondersteuning bieden in de ontwikkeling van mijn teamleden, ik wil oog hebben voor hun competenties en hun potentieel.
  • Ik wil opbouwende feedback aan medewerkers geven zodat ze hun kwaliteiten optimaal kunnen benutten. Andersom trouwens ook. medewerkers mogen hun leidinggevende best tegenspreken.

Mijn ervaring is dat er in België een top down-cultuur heerst, een sterk hiërarchische mentaliteit en een algemeen autoritaire managementstijl. Dit soort bedrijfsculturen houdt medewerkers klein en dat vertraagt het potentieel van het bedrijf. Dat kan toch anders, niet?

In de onderneming waar ik nu werk, zitten een aantal mensen thuis wegens burn-out en depressie. Een collega van me is vorig jaar in de psychiatrie beland. Kapotgewerkt, maar vooral kapotgegaan aan het gebrek aan erkenning voor zijn inzet en zijn competenties.

Ik wil niet dat mensen zich gereduceerd weten tot een puur uitvoerende kracht. Je wordt aangeworven omdat je een meerwaarde betekent voor het team. Ik wil aan de slag met de competenties van mijn medewerkers, samen met mij, niet onder mij.

Ik ben van mening dat je leiding kan geven op zo’n manier dat mensen zich gewaardeerd en gehoord voelen, dat ze dan gelukkiger zijn in hun werksituatie en dus ook gemotiveerder zijn om de gezamenlijke doelstellingen te bereiken. De betere prestaties van de werknemer zal gegarandeerd het bedrijf winst opleveren.

Tijdens mijn loopbaan ben ik altijd bezig geweest met managen van relaties binnen teams. De vraag die me daarin bezighoudt is hoe ik het anders kan aanpakken dat de leidinggevenden die ik al meegemaakt heb.

Ik ben nu 45 jaar. Ik dacht niet de juiste opleiding en competenties te hebben om zelf leiding te geven. Maar dat zie ik stilaan toch anders. Misschien heb ik toch wel de juiste ingrediënten.

Met vriendelijke groet

Moniek *

Photo by Christin Hume on Unsplash

Beste Moniek

Ik vind het erg inspirerend wat je geschreven hebt. Je bevestigt de indruk die ik overwegend heb van mensen die deze cursus opstarten: het hart op de juiste plaats, WILLEN ondersteunen vanuit de juiste communicatievaardigheden en met oog voor wat de mens achter de medewerker nodig heeft. Hoopgevend, to say the least…

Ik heb twee randbedenkingen:

  • Jammer genoeg zie ik de autoritaire leidertypes die jij beschrijft, niet verschijnen in dit soort online cursussen. Ik zie ze trouwens ook niet in workshops en dergelijke… Jij wel?
  • De mensen die in dit soort cursussen terechtkomen, hebben echt de beste voornemens. Toch merk ik dat het vaak fout gaat in de praktische uitwerking van de opdrachten. Dan zie ik hoe sterk onze bedrijfscultuur nog bepaald wordt door de command & control-mentaliteit, die we al van in de Industriële Revolutie meedragen. De baas als strenge, autoritaire vader, alwetend als een god uit lang vervlogen tijden. “Als je niet flink bent, word je gestraft.”

De gevolgen van deze algemeen aanvaarde cultuur zijn desastreus voor de samenwerking op de werkvloer. We hebben historisch gezien niet de vaardigheden opgebouwd waardoor we op een constructieve manier, vanuit vertrouwen in de ander en in zijn competenties feedback geven en communiceren. Correct feedback en vanuit vertrouwen communiceren is een noodzakelijke competentie – niet alleen voor leidinggevenden trouwens – maar tot vandaag ontzettend moeilijk, omdat ze regelrecht ingaat tegen de manier waarop we al honderden jaren werken en leven.

Er is nog veel werk aan de winkel. Leg me in een volgende mail eens uit hoe jij people management ziet, Moniek? Daar kunnen we misschien nog wat verder op breien.

Ik kijk uit naar je antwoord.

Grtz

Annemie

* Moniek is een fictieve naam